ECLI:NL:RBSGR:2004:AO6633
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaren mvv-aanvragen na koerswijziging ABRS
Referente verzocht in 1999 om een ambtshalve advies voor de afgifte van machtigingen tot voorlopig verblijf (mvv) voor haar moeder en dochter. Na negatieve adviezen en daaropvolgende bezwaren en beroepen, verklaarde de rechtbank eerdere beroepen gegrond en verwees de minister tot nieuwe besluiten. In 2004 wijzigde de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRS) de rechtsopvatting dat het ambtshalve advies geen besluit was waartegen bezwaar kon worden gemaakt, waardoor eerdere bezwaren onontvankelijk waren.
De rechtbank oordeelt dat de minister ten onrechte de bezwaren niet-ontvankelijk heeft verklaard en vernietigt de bestreden besluiten. Vervolgens verklaart de rechtbank zelf de bezwaren niet-ontvankelijk en vervangt deze uitspraak de vernietigde besluiten. De rechtbank erkent de schrijnende situatie van eiseressen, mede door de langdurige procedure en de gezondheid van eiseres 1.
De rechtbank wijst erop dat de ABRS geen rekening hield met de ingrijpende gevolgen van haar koerswijziging en dat de minister bij nieuwe besluiten gemotiveerd moet ingaan op de geloofwaardigheid van verklaringen. De minister wordt veroordeeld in de proceskosten en de griffierechten worden aan eiseressen vergoed. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de bezwaren niet-ontvankelijk en vervangt de vernietigde besluiten door deze uitspraak.