ECLI:NL:RBSGR:2004:AO8546
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding bij afwijzing verblijfsvergunning asiel
Eiser heeft op 13 maart 2002 een aanvraag ingediend voor verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder heeft bij beschikking van 23 juli 2002 de aanvraag afgewezen en het besluit op dezelfde dag verzonden. Eiser heeft op 21 augustus 2002 per fax beroep ingesteld tegen deze beschikking, maar dit was buiten de vier weken beroepstermijn die op 20 augustus 2002 eindigde.
Eiser stelde dat het besluit pas op 25 juli 2002 door zijn gemachtigde was ontvangen, en dat daarom de verzending later had plaatsgevonden. De rechtbank oordeelde echter dat uit gegevens van TPG Post blijkt dat gemiddeld 95,6% van de post binnen één werkdag wordt bezorgd, maar dat niet alle poststukken de volgende dag aankomen en dat hiervoor geen wettelijke verplichting bestaat. Hierdoor volgt de rechtbank eiser niet in zijn stelling.
Verder stelde eiser dat een verkeerde registratie van de ontvangstdatum door de secretaresse van zijn gemachtigde niet aan hem toegerekend kan worden. De rechtbank vond dit echter een risico van eiser zelf en concludeerde dat de termijnoverschrijding aan eiser kan worden toegerekend. De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen aanleiding gezien voor het opleggen van kostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn die aan eiser kan worden toegerekend.