ECLI:NL:RBSGR:2004:AO9401
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Stenfert Kroese
- R.A.M. van der Heijde
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring vreemdeling wegens onjuiste toepassing staandehoudingsbevoegdheid
De vreemdeling, met de Libische nationaliteit, werd op 8 maart 2004 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 Vw Pro 2000 na een staandehouding op basis van artikel 50 Vw Pro 2000. De rechtbank stelde vast dat de staandehouding aanvankelijk rechtmatig was vanwege een redelijk vermoeden van illegaal verblijf.
Echter was de duur tussen staandehouding en overbrenging naar het politiebureau onnodig lang doordat de vreemdeling een openstaande boete moest voldoen, waardoor de bevoegdheid van artikel 50, eerste lid, Vw 2000 onrechtmatig werd toegepast. De maatregel van bewaring was daarmee onrechtmatig.
De rechtbank oordeelde dat het belang van naleving van de wettelijke norm zwaarder woog dan het belang van de maatregel. Tevens bleek uit het dossier dat de vreemdeling een woonadres had opgegeven en geen criminele antecedenten had. De rechtbank kende een schadevergoeding van €820 toe en veroordeelde de Staat tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De maatregel van bewaring is onrechtmatig verklaard en de vreemdeling krijgt een schadevergoeding van €820 toegekend.