ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ1861
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt besluit over verblijfsvergunning gemeenschapsonderdaan wegens onjuiste kwalificatie aanvraag
Eiser, een gemeenschapsonderdaan met Portugese nationaliteit, was sinds april 1997 in het bezit van een vergunning tot verblijf met geldigheid tot maart 2002. Verweerder kwalificeerde een in augustus 2000 ingediende aanvraag van eiser onterecht als een aanvraag om eerste toelating, terwijl eiser reeds van rechtswege verblijfsrecht had. De rechtbank stelt vast dat eiser niet slechts een declaratoir E-document had, maar een vergunning tot verblijf op grond van artikel 94 van Pro het Vreemdelingenbesluit (oud).
Verweerder heeft nagelaten te onderzoeken of eiser mogelijk een vergunning tot vestiging had, ondanks dat dit door eiser was gesteld en niet is weersproken. Dit handelen is in strijd met de zorgvuldigheid en het motiveringsbeginsel. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit waarin deze aspecten worden betrokken.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en wijst zij de Staat der Nederlanden aan als rechtspersoon voor vergoeding van griffierechten. Het beroep wordt gegrond verklaard en hoger beroep is uitgesloten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd met de verplichting tot een nieuw besluit.