ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ1900
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling van asielaanvraag met verstekelingenreis en geloofwaardigheid
De asielzoeker, afkomstig uit Niger en van Haussa-stam, stelde dat hij vanwege conflicten met de Buzu-stam en dreiging van arrestatie bescherming zocht in Nederland. Hij reisde deels als verstekeling per schip naar Nederland en kon geen documenten overleggen ter staving van zijn identiteit en reisroute.
Verweerder wees de aanvraag af vanwege het ontbreken van documenten en onvoldoende geloofwaardige verklaringen over de reis en de situatie in Niger. De rechtbank oordeelde dat van iemand die als verstekeling reisde niet altijd gedetailleerde verifieerbare verklaringen kunnen worden verwacht, en dat verweerder onvoldoende rekening hield met relevante omstandigheden zoals leeftijd en reiservaring.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens onvoldoende motivering van het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. De rechtbank vond het asielrelaas echter te vaag en onvoldoende aannemelijk dat de Nigerese autoriteiten geen bescherming konden bieden. Ook was geen sprake van vluchtelingstatus of reëel risico op foltering of onmenselijke behandeling.
De aanvraag werd daarom afgewezen. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de aanvraag wordt afgewezen en de rechtsgevolgen blijven in stand.