ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ4475
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning Hazara asielzoeker uit Afghanistan
Eiser, een Hazara afkomstig uit de provincie Ghazni in Afghanistan, verzocht om een verblijfsvergunning op asielgronden. Zijn aanvraag werd door verweerder afgewezen, waarna hij beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank hield rekening met het ambtsbericht van november 2003, waarin de situatie van Hazara’s en de veiligheidssituatie in Afghanistan werd beschreven.
De rechtbank stelde vast dat eiser met meer dan geringe indicaties heeft aangetoond dat hij behoort tot een risicogroep die te vrezen heeft voor vervolging en mensenrechtenschendingen bij terugkeer. Verweerder had onvoldoende rekening gehouden met het advies van de UNHCR om het sociale netwerk en de gefragmenteerde machtsverhoudingen in Afghanistan mee te wegen.
Daarom oordeelde de rechtbank dat het standpunt van verweerder dat eiser niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning niet op goede gronden berust en dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd is. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen tegen uitzetting en verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.