ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ5366
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning alleenstaande Afghaanse vrouw met handicap
Verzoekster, een alleenstaande vrouw uit Afghanistan met een ernstige handicap (polio) en een kind, vroeg om een verblijfsvergunning asiel. Haar aanvraag werd door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) afgewezen omdat zij niet als alleenstaande vrouw werd beschouwd en onvoldoende risico op schending van artikel 3 EVRM Pro werd vastgesteld.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom verzoekster niet tot de risicogroep 'alleenstaande vrouw' behoorde zoals omschreven in het beleidsdocument TBV 2003/22. Ook was niet duidelijk waarom de medische situatie van verzoekster niet als een 'geringe indicatie' kon worden gezien die een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro inhoudt.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat verzoekster de procedure in Nederland mag afwachten. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan verzoekster.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.