ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ5701
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening toewijzing mvv op grond van woonplaatsbegrip in gezinshereniging
Verzoekster, een burger van de Democratische Republiek Congo, heeft een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar Nederlandse echtgenoot te verblijven. De Minister van Buitenlandse Zaken wees dit verzoek af op grond van het standpunt dat de echtgenoot niet in Nederland woont vanwege zijn langdurige buitenlandse werkzaamheden.
De voorzieningenrechter toetste het begrip woonplaats aan de definitie in het Burgerlijk Wetboek en concludeerde dat de echtgenoot zijn woonstede in Nederland heeft, ondanks zijn tijdelijke verblijven in het buitenland voor zijn werk bij een internationale organisatie. Verzoekster en haar echtgenoot voeren een gezamenlijke huishouding en verlenen elkaar wederzijdse zorg op het Nederlandse adres.
Gezien deze feiten en de belangenafweging oordeelde de voorzieningenrechter dat het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft en dat toewijzing van de voorlopige voorziening gerechtvaardigd is. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan verzoekster vergoed.
Uitkomst: Verzoekster wordt behandeld als ware zij in het bezit van een machtiging tot voorlopig verblijf gedurende de bezwaarprocedure.