ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ7378
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot aanwijzing vervolging in Nederland bij Europees Aanhoudingsbevel
Eisers, beiden aangehouden op grond van Europese Aanhoudingsbevelen (EAB) uitgevaardigd door Franse rechtbanken, vorderden dat de minister van Justitie gebruik zou maken van zijn aanwijzingsbevoegdheid ex artikel 127 RO Pro om het openbaar ministerie te instrueren hen in Nederland te vervolgen. Eisers stelden dat het zwaartepunt van de zaak in Nederland ligt en uitten zorgen over mogelijke mensenrechtenschendingen in Frankrijk.
De minister had echter de vervolgingsbevoegdheid gedelegeerd aan de officier van justitie, die oordeelde dat het zwaartepunt van de zaak in Frankrijk ligt en geen vervolging in Nederland zal plaatsvinden. De rechtbank overwoog dat de minister slechts in zeer uitzonderlijke gevallen en onder bijzondere omstandigheden van zijn aanwijzingsbevoegdheid gebruik kan maken.
De voorzieningenrechter concludeerde dat dergelijke uitzonderlijke omstandigheden niet waren aangetoond en dat de overleveringsrechter reeds alle relevante omstandigheden heeft betrokken bij zijn beslissing tot overlevering. Daarom wees de rechtbank het verzoek af en veroordeelde eisers in de kosten van het geding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek af om de minister te bevelen het openbaar ministerie opdracht te geven eisers in Nederland te vervolgen.