ECLI:NL:RBSGR:2004:AR3882
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.M.J.A. Dassen
- B.W.P.M. Corbey-Smits
- A.J.M. Huisman-Kreijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning aan Somalische asielzoeker ondanks vertrekmoratorium
Eiser, van Somalische nationaliteit en behorend tot de bevolkingsgroep der Reer Hamar, verzocht om een verblijfsvergunning als vluchteling. Na afwijzing door verweerder werd beroep ingesteld. Eiser voerde aan dat hij persoonlijk gevaar loopt bij terugkeer naar Somalië, mede vanwege het vertrekmoratorium en interim measures van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM).
De rechtbank overwoog dat het vertrekmoratorium en de interim measures van het EHRM als feitelijke belemmeringen moeten worden gezien, bedoeld om onomkeerbare situaties te voorkomen, en dat er geen individuele inhoudelijke toetsing door het EHRM heeft plaatsgevonden. De rechtbank volgde verweerder in het standpunt dat het vertrekmoratorium geen reden is voor een verblijfsvergunning.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiser onvoldoende geloofwaardig was vanwege tegenstrijdige verklaringen en het ontbreken van documenten, en dat het relatief veilige gebied in Somalië een verblijfsalternatief biedt. De rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie die dit bevestigt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een verblijfsvergunning af. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de verblijfsvergunning wordt geweigerd.