ECLI:NL:RBSGR:2004:AR4704
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.K.B. van Daalen
- A.A.H. Schifferstein
- A.F.C.J. Mosheuvel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Eiser, een Iraakse staatsburger, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning, welke werd afgewezen met toepassing van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag. De rechtbank toetste of er nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigden, zoals vereist op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank stelde vast dat de aangevoerde motieven en stukken, waaronder de situatie van eisers broer en documenten zoals identiteitskaarten en verklaringen, reeds bekend waren of hadden kunnen worden aangevoerd in de eerdere procedure. De aangevoerde nieuwe gronden werden niet als rechtens relevante nova aangemerkt. Ook de inhoudelijke beoordeling van de aanvraag door het bestuursorgaan deed niet af aan het toetsingskader van de rechter.
Daarnaast werd een nieuwe grondslag op basis van artikel 3 EVRM Pro ter zitting aangevoerd, maar deze werd buiten beschouwing gelaten wegens strijd met de goede procesorde. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee de afwijzing van de herhaalde aanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.