ECLI:NL:RBSGR:2004:AR7471
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wijziging gezamenlijk gezag en vaststelling omgangsregeling na beëindiging geregistreerd partnerschap
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een verzoek tot wijziging van de gezagsregeling over een kind, waarbij de moeder wenste dat zij alleen het gezag zou voeren na beëindiging van het geregistreerd partnerschap met haar voormalige partner. De moeder stelde dat de voormalige partner niet actief betrokken was bij de opvoeding en dat het in het belang van het kind was om duidelijkheid te scheppen.
De voormalige partner betwistte dat er sprake was van een wijziging van omstandigheden die een wijziging van het gezag rechtvaardigde en benadrukte haar betrokkenheid bij het kind en het belang van continuering van het gezamenlijk gezag. De rechtbank overwoog dat het gezamenlijk gezag alleen gewijzigd kan worden indien er sprake is van een zodanige wijziging van omstandigheden dat het niet langer in het belang van het kind is de bestaande situatie te handhaven.
De rechtbank concludeerde dat de moeder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de communicatieproblemen tussen partijen zodanig ernstig waren dat het kind klem of verloren zou raken. Daarom werd het verzoek tot wijziging van het gezag afgewezen. Wel werd een omgangsregeling vastgesteld waarbij het kind regelmatig contact heeft met de voormalige partner, met duidelijke afspraken over vakanties en weekenden.
Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van het gezamenlijk gezag wordt afgewezen en een omgangsregeling wordt vastgesteld.