ECLI:NL:RBSGR:2004:AR8042
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering tegen uitzetting naar Algerije wegens openstaande rechtsmiddelen
Eiser, die na detentie onder een alias in vreemdelingenbewaring werd gesteld, vorderde in kort geding dat de Staat hem zou verbieden hem naar Algerije uit te zetten. Hij betoogde dat het Algerijnse paspoort vals was en dat hij feitelijk Marokkaanse nationaliteit heeft, met meerdere laissez-passers van Marokko als bewijs. De Staat was voornemens hem op 30 november 2004 uit te zetten naar Algerije, ondanks dat eiser eerder beroep had ingesteld tegen zijn inbewaringstelling, dat ongegrond was verklaard.
De voorzieningenrechter oordeelde dat eiser niet-ontvankelijk is in zijn vordering omdat artikel 72 lid 3 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 bepaalt dat de dreigende uitzettingshandeling gelijkgesteld wordt met een beschikking. Dit biedt eiser de mogelijkheid om administratief bezwaar te maken en beroep in te stellen bij de vreemdelingenrechter, die ook voorlopige voorzieningen kan treffen. Hierdoor is er een specifieke en met waarborgen omklede rechtsgang beschikbaar.
De rechter concludeerde dat eiser niet via deze civiele procedure zijn vordering kan instellen en veroordeelde hem in de proceskosten. De vordering werd afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering omdat hij rechtsmiddelen kan aanwenden tegen de dreigende uitzettingshandeling.