ECLI:NL:RBSGR:2004:AS2102
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvraag verblijfsvergunning en weigering besluit door Minister voor Vreemdelingenzaken
Eiseres, van Servo-Montenegrijnse nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier op grond van de discretionaire bevoegdheid van verweerder, de Minister voor Vreemdelingenzaken. Verweerder reageerde met een brief waarin hij aangaf geen ruimte te zien voor herbeoordeling van de zaak, waarna eiseres bezwaar maakte tegen deze brief. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat hij meende dat er geen sprake was van een aanvraag of besluit.
De rechtbank beoordeelde of de brief van verweerder kon worden gezien als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Gelet op de inhoud van de aanvraag en de brieven concludeerde de rechtbank dat eiseres wel degelijk een aanvraag had ingediend en dat de brief van verweerder een schriftelijke weigering was om een besluit te nemen, gelijkgesteld aan een besluit volgens de Awb. Hierdoor was het bezwaar ontvankelijk.
Het beroep tegen de beschikking waarin het bezwaar niet-ontvankelijk werd verklaard, werd gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. Verweerder werd opgedragen opnieuw op het bezwaar te beslissen met inachtneming van de overwegingen van de rechtbank. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd het door eiseres betaalde griffierecht vergoed. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met opdracht aan verweerder om opnieuw te beslissen op het bezwaar.