ECLI:NL:RBSGR:2004:AS3553
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H. Severein
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring vreemdeling na geaccordeerde Dublinclaim wegens bereidheid tot vertrek
De vreemdeling, van Georgische nationaliteit, werd op 28 oktober 2004 in bewaring gesteld wegens illegaal verblijf in Nederland. Hij was staande gehouden tijdens een treincontrole en kon geen identiteitsbewijs tonen. De vreemdeling verklaarde naar België te willen reizen en beschikte over papieren uit de Belgische asielprocedure, waaruit bleek dat hij België moest verlaten en Nederland niet mocht betreden.
De rechtbank beoordeelde of de bewaring rechtmatig was en stelde vast dat de vreemdeling niet langer rechtmatig in Nederland verbleef en dat er vrees bestond voor onttrekking aan uitzetting. De Belgische autoriteiten hadden een Dublinclaim geaccordeerd, en de vreemdeling gaf aan Nederland te willen verlaten en mee te werken aan overdracht aan België.
Op grond van artikel 59, derde lid, Vw 2000 en paragraaf C5/21.5 Vc 2000 dient bewaring te worden opgeheven zodra de vreemdeling te kennen geeft Nederland te willen verlaten en dit mogelijk is. De rechtbank oordeelde dat de bewaring vanaf 26 november 2004 onrechtmatig was en beval opheffing. Tevens werd een schadevergoeding van €350 toegekend voor vijf dagen onrechtmatige bewaring en werden proceskosten van €322 toegewezen.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling werd opgeheven en er werd een schadevergoeding van €350 toegekend.