ECLI:NL:RBSGR:2004:AS4074
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- L. van Es
- Rechtspraak.nl
Toepassing hardheidsclausule bij mvv-vereiste voor Somalische vrouw met Nederlandse kinderen
Eiseres, geboren in Somalië en sinds 1994 in Nederland verblijvend, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning, die werd afgewezen wegens het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De Minister stelde dat zij naar een buurland van Somalië moest reizen om een mvv aan te vragen, maar eiseres kon dit niet omdat zij geen geldig reisdocument kan verkrijgen en Somalië geen centrale overheid heeft die dit kan afgeven.
De rechtbank stelde vast dat het redelijkerwijs niet van eiseres kan worden verlangd om zich illegaal naar Kenia of Ethiopië te begeven om daar een mvv aan te vragen, mede omdat zij daar onrechtmatig zou verblijven zonder toegang tot voorzieningen. Daarnaast woog de rechtbank mee dat eiseres drie kinderen heeft met de Nederlandse nationaliteit en een Nederlandse echtgenoot die onvoldoende voor hen kan zorgen bij haar afwezigheid.
De rechtbank oordeelde dat de weigering van de verblijfsvergunning op grond van het ontbreken van een mvv in dit geval onredelijk is en dat de hardheidsclausule toegepast moet worden. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder werd veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit binnen zes weken. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de rechtbank op het beroep zelf besliste.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit wegens onredelijke toepassing van het mvv-vereiste, met toepassing van de hardheidsclausule.