ECLI:NL:RBSGR:2005:AT0386
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van onvoldoende aannemelijkheid traumatische overheidsmisdragingen in Georgië
Eiser, van Georgische nationaliteit, vordert een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd wegens traumatische ervaringen met politieagenten in Georgië. Hij stelt dat hij ernstig is mishandeld en verkracht door politieagenten in functie, wat volgens hem een reëel risico op herhaling bij terugkeer inhoudt. De rechtbank erkent de ernst van de mishandeling en het feit dat deze door politieagenten in uniform en in functie is gepleegd, passend binnen een cultuur van straffeloosheid.
Echter, de rechtbank overweegt dat het optreden van de centrale overheid tegen dergelijke misdragingen niet duidelijk ontoereikend is gebleken, en dat het voor eiser niet bij voorbaat zinloos was om bescherming te zoeken bij hogere autoriteiten. Bovendien is eiser door het openbaar ministerie gehoord en heeft hij een verklaring ondertekend, wat impliceert dat hij het onderzoek had kunnen afwachten.
De rechtbank concludeert dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij een reëel risico loopt op foltering of onmenselijke behandeling zonder effectieve bescherming, en dat het beroep op het traumatabeleid niet slaagt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een verblijfsvergunning wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een verblijfsvergunning wordt afgewezen.