ECLI:NL:RBSGR:2005:AT1799
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H. Severein
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot uitzetting en vernietiging besluiten wegens onbevoegdheid korpschef
Eisers, vreemdelingen van Bosnische nationaliteit, verzochten om uitzetting achterwege te laten vanwege de gezondheidstoestand van een van hen. De korpschef van de regiopolitie Twente wees dit verzoek af bij besluit van 22 mei 2003. Na bezwaar verklaarde de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie het bezwaar ongegrond bij besluiten van 12 februari 2004.
De rechtbank beoordeelde de bevoegdheid van de korpschef tot het nemen van het besluit en concludeerde dat artikel 6.1, eerste lid, VV 2000 slechts een mandaat verleent voor feitelijke handelingen, niet voor het nemen van rechtshandelingen zoals het besluit tot uitzetting. Ook de algemene machtigingsregeling IND 2002 bood geen grondslag voor mandatering van deze bevoegdheid.
De rechtbank stelde vast dat het besluit niet namens de minister was genomen, wat in strijd is met artikel 10:10 Awb Pro. Tevens werd geoordeeld dat het bevoegdheidsgebrek niet door de bezwaarprocedure was geheeld omdat deze kwestie niet aan de orde was geweest en het besluit niet uitdrukkelijk voor rekening van de minister was genomen.
Daarom verklaarde de rechtbank de beroepen gegrond, vernietigde de besluiten van 12 februari 2004 en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eisers. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten wegens onbevoegdheid en veroordeelt de Staat tot vergoeding van proceskosten.