ECLI:NL:RBSGR:2005:AT3843
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekkingsbesluit wegens gebrek aan motivering en heroverweging in vreemdelingenprocedure
Eiser, van Togolese nationaliteit, had een asielaanvraag ingediend die door verweerder werd afgewezen. Hiertegen maakte eiser bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank. Verweerder trok vervolgens de bestreden besluiten in, waarna eiser verzocht de beroepen te wijzigen tot klachten over het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat een dergelijke wijziging niet zonder wettelijke grondslag mogelijk is en verklaart de beroepen tegen de ingetrokken besluiten niet-ontvankelijk.
De rechtbank stelt vast dat het intrekkingsbesluit zelf als een besluit moet worden aangemerkt, maar dat dit besluit niet is gemotiveerd en geen heroverweging van de primaire besluiten bevat. Dit leidt tot vernietiging van het intrekkingsbesluit wegens strijd met artikel 7:12 en Pro 7:11 Awb. Tevens wordt verweerder een termijn gesteld om nieuwe besluiten te nemen.
Ten aanzien van de voorlopige voorziening die uitzetting zou moeten verbieden, ziet de rechtbank geen aanleiding deze toe te wijzen. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en de Staat der Nederlanden wordt aangewezen als rechtspersoon voor vergoeding van griffierecht. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer en is gedeeltelijk niet-beroepbaar.
Uitkomst: Het intrekkingsbesluit wordt vernietigd wegens gebrek aan motivering en heroverweging, en verweerder krijgt zes weken voor het nemen van nieuwe besluiten.