ECLI:NL:RBSGR:2005:AT5387
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens ten onrechte onthouden opvangvoorzieningen aan asielzoekers
Verzoekers, beiden van Azerbeidzjaanse nationaliteit, dienden op 25 maart 2005 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvragen werden op 4 april 2005 in het aanmeldcentrum afgewezen, waarna verzoekers geen opvangvoorzieningen ontvingen. Verzoekers stelden dat deze onthouding onrechtmatig was en verzochten de rechtbank om schadevergoeding na intrekking van de besluiten door verweerder.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de besluiten terecht had ingetrokken en dat verzoekers ten onrechte waren onthouden van opvangvoorzieningen. De rechtbank paste artikel 8:73a van de Algemene wet bestuursrecht toe en kende een forfaitaire schadevergoeding toe, gebaseerd op de wekelijkse toelage voor voedsel en kleding volgens de regeling verstrekkingen asielzoekers 2005.
De periode van onthouding van voorzieningen bedroeg tien dagen, waarvoor aan ieder verzoeker een bedrag van € 57,20 werd toegekend. Een immateriële schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. Tevens werden proceskosten van € 322,00 toegewezen. Het verzoek om schadevergoeding werd voor het overige afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staat tot betaling van een forfaitaire schadevergoeding en proceskosten wegens ten onrechte onthouden opvangvoorzieningen.