ECLI:NL:RBSGR:2005:AT7335
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op bevordering tot eerste-luitenant na omscholing tot officier
Eiser, een beroepsmilitair, verzocht bevordering tot eerste-luitenant met ingang van 19 mei 2003 na het succesvol afronden van een omscholingsopleiding tot officier. Verweerder wees dit verzoek af op grond van het geldende beleid dat bevordering pas mogelijk is na een bepaalde ervaringsperiode in de rang van tweede-luitenant. De rechtbank oordeelde dat de functie waaraan eiser was toegewezen een rang van luitenant had volgens de Organisatietabel en Autorisatiestaat (OTAS), en dat de individuele rechtspositionele status bepalend is voor de rangtoekenning.
Eiser voerde aan dat hij vrijstelling of bekorting van de ervaringsopbouw kon krijgen op basis van beleidsregels, maar de rechtbank verwierp dit omdat eiser niet voldeed aan de voorwaarden, zoals het niet hebben van een aanstelling voor bepaalde tijd en het feit dat zijn opleiding niet voldeed aan de definitie van initiële opleiding in dit kader. Ook zijn beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat een eerder foutieve bevordering van een collega geen precedent schept.
De rechtbank concludeerde dat het beleid niet kennelijk onredelijk was en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om van het beleid af te wijken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser op bevordering tot eerste-luitenant per 19 mei 2003 wordt ongegrond verklaard.