ECLI:NL:RBSGR:2005:AT7371
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. van ’t Laar
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanwijzing verblijf in vertrekcentrum op grond van artikel 57 Vreemdelingenwet 2000
Eiseres, een Sierra Leoonse asielzoekster, kreeg op 11 maart 2005 een aanwijzing op grond van artikel 57 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 om zich te houden in het vertrekcentrum te Vlagtwedde. Dit besluit volgde op de afwijzing van haar asielaanvraag en het beëindigen van haar recht op opvang. Eiseres betwistte de aanwijzing en stelde dat haar medische situatie en die van haar minderjarige zoon, die speciale scholing en hulpverlening ontvangt, niet in de besluitvorming waren betrokken en dat dit in strijd is met artikel 3 van Pro het Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK).
De rechtbank oordeelde dat de aanwijzing bevoegd was genomen door een daartoe bevoegde ambtenaar en dat de opvangvoorzieningen niet waren beëindigd, maar voortgezet in het vertrekcentrum. De belangenafweging van verweerder hoefde niet de continuering van speciale scholing en hulpverlening te omvatten, omdat de maatregel gericht was op de terugkeer naar Sierra Leone, waar deze voorzieningen ook zouden eindigen. Bovendien is de maatregel aan eiseres gegeven en niet direct aan haar zoon, zodat artikel 3 IVRK Pro niet rechtstreeks van toepassing is.
De rechtbank stelde dat verweerder mag uitgaan van het gezamenlijke vertrek van moeder en zoon zonder strijd met de belangen van het kind, tenzij zwaarwegende omstandigheden zijn gesteld, wat niet het geval was. Het beroep op artikel 64 Vw Pro 2000 faalde wegens gebrek aan bewijs dat reizen onverantwoord zou zijn. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanwijzing om zich op te houden in het vertrekcentrum te Vlagtwedde is ongegrond verklaard.