ECLI:NL:RBSGR:2005:AT7862
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens onmogelijkheid verkrijgen mvv Somaliër
Eiseres, een Somalische vrouw die sinds 2000 in Nederland verblijft, vroeg een verblijfsvergunning aan voor verblijf bij haar echtgenoot. Verweerder wees dit af wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank toetste het besluit aan eerdere jurisprudentie waarin werd bepaald dat als het feitelijk onmogelijk is om naar het land van herkomst of een ander land te reizen om een mvv aan te vragen, de hardheidsclausule van toepassing kan zijn.
De rechtbank stelde vast dat eiseres tevergeefs meerdere Somalische missies had aangeschreven om een reisdocument te verkrijgen, zonder reactie te ontvangen. Verweerder had onvoldoende onderzocht of het mogelijk was voor eiseres om een mvv aan te vragen in Somalië of een naburig land, en kon niet aannemelijk maken dat terugkeer via de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) zonder problemen plaatsvond. Ook was het Somalische paspoort internationaal niet erkend, waardoor reizen met een dergelijk document illegaal zou zijn.
Verder oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de hardheidsclausule niet werd toegepast en onvoldoende was ingegaan op het beroep van eiseres op het gelijkheidsbeginsel en artikel 8 EVRM Pro. Het besluit was daarmee in strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onmogelijkheid voor eiseres een mvv aan te vragen.