ECLI:NL:RBSGR:2005:AT8597
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Onjuiste afwijzing aanvraag verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd wegens onjuiste toepassing beleidsregel
Eiser, van Ghanese nationaliteit, diende meerdere aanvragen in voor verblijf en naturalisatie in Nederland, die allen werden afgewezen. De aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd werd op 11 oktober 2001 afgewezen omdat eiser niet voldeed aan de vereiste van vijf jaar onafgebroken rechtmatig verblijf direct voorafgaand aan de aanvraag, zoals bedoeld in artikel 21 Vreemdelingenwet Pro 2000 (Vw).
De rechtbank oordeelt dat verweerder artikel 21 Vw Pro onjuist heeft toegepast. Artikel 21 Vw Pro stelt dat een aanvraag van een vreemdeling die voldoet aan de vijfjaarseis slechts op de in dat artikel genoemde gronden kan worden afgewezen. Verweerder had daarnaast moeten toetsen aan beleidsregel B1/3.2.1 van de Vreemdelingencirculaire 2000, die bepaalt dat verblijfsvergunningen niet worden verleend aan vreemdelingen die korter dan vijf jaar als houder van een geldige vergunning verblijven.
Verweerder heeft ten onrechte geoordeeld dat afwijking van deze beleidsregel niet aan de orde was en heeft artikel 4:84 Awb Pro onjuist toegepast. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd is gegrond verklaard en het besluit vernietigd.