ECLI:NL:RBSGR:2005:AU1006
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning voor bepaalde tijd wegens onjuiste gegevens afgewezen
Eiseres, van Somalische nationaliteit en afkomstig uit Mogadishu, had een voorwaardelijke verblijfsvergunning voor bepaalde tijd die zij wilde verlengen. Verweerder weigerde deze verlenging op grond van artikel 32, eerste lid, onder a, Vreemdelingenwet 2000, omdat eiseres onjuiste gegevens zou hebben verstrekt over haar etnische afkomst, namelijk dat zij tot de Reer Hamar stam zou behoren.
Verweerder baseerde dit op een taalanalyse waaruit bleek dat zij niet tot deze stam behoort. Eiseres betwistte dit en stelde dat de taalanalyse geen uitsluitsel gaf over haar etniciteit en verwees naar het feit dat haar vader en broer wel tot de Reer Hamar stam behoren en asiel hadden gekregen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder artikel 32 Vw Pro onjuist had toegepast en onvoldoende had gemotiveerd. Het feit dat eiseres niet tot de Reer Hamar stam behoort, zou niet hebben geleid tot het niet verlenen van de vergunning, aangezien zij afkomstig is uit Mogadishu, een gebied waarvoor een voorwaardelijke vergunning wordt verleend. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen veertien weken opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verlenging van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.