ECLI:NL:RBSGR:2005:AU2507

Rechtbank 's-Gravenhage

Datum uitspraak
2 augustus 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
05/2054 WAO
Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:5 AwbArt. 6:6 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken van beroepsgronden

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Volgens artikel 6:5 Awb Pro moet een beroepschrift de gronden van het beroep bevatten. Eiseres heeft deze gronden niet vermeld.

De rechtbank heeft eiseres meerdere malen de gelegenheid gegeven om de gronden alsnog in te dienen, waaronder het verlenen van uitstel. Ondanks deze kansen heeft eiseres geen gronden ingediend.

Op grond van artikel 6:6 Awb Pro kan het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard indien niet aan de vereisten is voldaan en de indiener het verzuim niet herstelt binnen de gestelde termijn.

De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan verzet worden ingesteld binnen zes weken.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van de gronden van het beroep.

Uitspraak

Rechtbank 's-Gravenhage
sector bestuursrecht
eerste afdeling, enkelvoudige kamer
Reg.nr. AWB 05/2054 WAO
UITSPRAAK
als bedoeld in artikel 8:54
van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
Uitspraak in het geding tussen
[eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres,
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder.
Ontstaan en loop van het geding
Bij brief van 25 maart 2005, ingekomen bij de rechtbank op 29 maart 2005, heeft eiseres beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 15 februari 2005.
Motivering
Ingevolge artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb bevat het beroepschrift de gronden van het beroep. In artikel 6:6 van Pro die wet is bepaald dat, indien niet is voldaan aan artikel 6:5 of Pro enig ander bij de wet gesteld vereiste voor het in behandeling nemen van het beroep, dit niet-ontvankelijk kan worden verklaard, mits de indiener de gelegenheid heeft gehad het verzuim te herstellen binnen een hem daartoe gestelde termijn.
Eiseres heeft de gronden van het beroep niet vermeld. In de brief van 30 maart 2005 van de rechtbank is vermeld dat, indien de gronden niet binnen de gestelde termijn worden ontvangen, niet-ontvankelijkverklaring kan volgen. Eiseres heeft bij brieven van 26 april 2005 en 6 juni 2005 uitstel gevraagd voor het indienen van de gronden. Bij brieven van 27 april en
7 juni 2005 heeft eiseres uitstel gekregen voor het indienen van de gronden.
Eiseres heeft ook daarna geen gronden ingediend.
Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank 's-Gravenhage,
RECHT DOENDE:
verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij aan de rechtbank verzoeken omtrent het verzet te worden gehoord.
Aldus gegeven door mr. V.J. de Haan en in het openbaar uitgesproken op 2 augustus 2005, in tegenwoordigheid van de griffier M.A. Gerritsma.