ECLI:NL:RBSGR:2005:AU2937
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen bewaring vreemdeling wegens illegaal verblijf en gezagskwestie kind
Eiseres, een vreemdeling zonder rechtmatig verblijf in Nederland, is in bewaring gesteld wegens illegaal verblijf en het niet naleven van vertrektermijnen. Zij betoogde dat de bewaring onrechtmatig is omdat zij niet werd bijgestaan tijdens het gehoor en dat zij de opvang en het gezag over haar kind moet kunnen regelen, verwijzend naar internationale verdragsartikelen.
De rechtbank oordeelde dat de artikelen 5 en 9 van het IVRK, artikel 8 EVRM Pro en artikel 23 IVBPR Pro niet leiden tot een verplichting voor de overheid om de scheiding tussen moeder en kind te beëindigen, zeker nu het kind adequaat door familie wordt opgevangen. Tevens is vastgesteld dat eiseres geen rechtmatig verblijf heeft, mede omdat een mvv-aanvraag geen verblijfstitel verleent zolang deze buiten Nederland wordt behandeld.
De rechtbank verwierp het beroep op onrechtmatigheid van de bewaring en concludeerde dat de maatregel proportioneel en gerechtvaardigd is, mede gezien het ontbreken van een vaste verblijfplaats van eiseres en het feit dat zij zich mogelijk aan uitzetting onttrekt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.