ECLI:NL:RBSGR:2005:AU3507
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortzetting vreemdelingenbewaring wegens gewijzigde situatie
Eiser, een vreemdeling van Marokkaanse nationaliteit, werd op 12 mei 2005 in vreemdelingenbewaring gesteld wegens onttrekkingsgevaar. Na zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier op 20 mei 2005 werd de bewaring voortgezet op een andere wettelijke grondslag. De rechtbank oordeelt echter dat ten tijde van deze categoriewijziging de situatie was veranderd doordat eiser een verblijfsvergunning had aangevraagd en een kopie van zijn paspoort had overgelegd.
Gezien het feit dat eiser vrijwel zijn gehele leven legaal in Nederland heeft verbleven en zich uit eigen beweging bij de vreemdelingendienst heeft gemeld, kon verweerder redelijkerwijs niet meer aannemen dat voortzetting van de bewaring gerechtvaardigd was vanwege onttrekkingsgevaar. Het standpunt van verweerder dat nog steeds vrees voor onttrekking bestond, wordt door de rechtbank verworpen.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, beveelt de opheffing van de bewaring met ingang van de uitspraakdatum en kent eiser een schadevergoeding toe van €490,-- voor de onrechtmatige bewaring. Tevens worden de proceskosten aan eiser toegekend en verhaald op de Staat der Nederlanden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, heft de bewaring op en kent schadevergoeding toe wegens onrechtmatige voortzetting.