ECLI:NL:RBSGR:2005:AU4633
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stelling verblijfsaanvragen wegens niet tijdige legesbetaling
Verzoekers, allen Surinaamse nationaliteit, dienden aanvragen in voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van schrijnende omstandigheden. Verweerder stelde deze aanvragen buiten behandeling omdat verzoekers het verschuldigde legesbedrag niet ter plekke konden voldoen en bood slechts tien minuten om dit te herstellen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de brief van 23 september 2005 geen individuele aanzegging van het legesbedrag bevatte zoals vereist volgens artikel 3:34i VV 2000. Tevens was de hersteltermijn van tien minuten niet redelijk gelet op artikel 4:5 Awb Pro en het beleidsvoorschrift B1/4.2.1 Vc 2000, waarin een termijn van twee weken als standaard wordt gehanteerd.
Daarom werd het besluit om de aanvragen buiten behandeling te stellen geacht in strijd met een wettelijk voorschrift te zijn genomen. Het bezwaar had een redelijke kans van slagen, zodat het verzoek tot voorlopige voorziening werd toegewezen.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen omdat de hersteltermijn voor betaling van leges onredelijk kort was.