ECLI:NL:RBSGR:2005:AU5691
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid rechtbank voor sociale voorzieningen KNIL-militairen nagelaten betrekkingen
Eiser, als nagelaten betrekking van een gewezen militair van het voormalig Koninklijk Nederlands Indisch Leger (KNIL), verzocht om sociale voorzieningen zoals die golden voor militair personeel van het KNIL in 1949 en 1950. De voorzieningenrechter oordeelt dat de grootvader van eiser geen gewezen ambtenaar is in de zin van de Militaire Ambtenarenwet (MAW), omdat hij niet in Nederlandse openbare militaire dienst werkzaam is geweest.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken, waaronder van de Centrale Raad van Beroep, die bevestigen dat besluiten op grond van de MAW alleen betrekking hebben op militairen die in Nederlandse militaire dienst waren. Hierdoor is artikel 4 MAW Pro niet van toepassing en heeft eiser geen rechtsingang bij de rechtbank 's-Gravenhage.
De voorzieningenrechter verklaart zich daarom onbevoegd en draagt het beroepschrift en verzoek om voorlopige voorziening over aan de bevoegde rechtbank te Breda. Tevens wordt gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan op 26 september 2005 door voorzieningenrechter A.A.M. Mollee.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en draagt de zaak over aan de rechtbank Breda.