ECLI:NL:RBSGR:2005:AU5794
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning wegens niet-tijdig ingediende zienswijze en onvoldoende inhoudelijke beoordeling asielrelaas
Eiser, een Myanmarese vreemdeling, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. Verweerder heeft het voornemen tot afwijzing van deze aanvraag kenbaar gemaakt, waarop eiser een zienswijze heeft gesteld die hij niet objectief kon bewijzen te hebben verzonden. De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de zienswijze is ontvangen, waardoor verweerder zonder kennisname van deze zienswijze tot het besluit kon komen.
Verder heeft verweerder voldaan aan de verplichting om eiser te horen in een taal die hij voldoende beheerst. Ondanks meerdere pogingen met tolken in diverse talen, waaronder Birmaans, Engels en Aykab, kon geen effectieve communicatie plaatsvinden. Verweerder hoefde niet in te gaan op het verzoek om een tolk uit de provincie Arakan in te schakelen.
Omdat eiser geen verklaringen over zijn asielrelaas heeft afgelegd, kon verweerder niet tot een inhoudelijke beoordeling daarvan komen en de aanvraag afwijzen. De rechtbank stelt vast dat eiser geen verblijfsvergunning toekomt en verklaart het beroep ongegrond. Dit laat open dat een toekomstige aanvraag wel inhoudelijk beoordeeld kan worden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag van eiser wordt afgewezen.