ECLI:NL:RBSGR:2005:AU5951
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank inzake sociale voorzieningen voormalig KNIL-militair
Eiser, een voormalig militair van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger (KNIL), verzocht om sociale voorzieningen zoals die golden in 1949 en 1950. Na diverse verzoeken en bezwaarprocedures bij verschillende ministeries, werd zijn bezwaar door de Minister van Buitenlandse Zaken niet-ontvankelijk verklaard. Eiser stelde beroep in bij de rechtbank 's-Gravenhage.
De voorzieningenrechter moest beoordelen of de rechtbank bevoegd was om over het beroep te oordelen. Op grond van artikel 4 van Pro de Militaire Ambtenarenwet 1931 (MAW) is de rechtbank 's-Gravenhage bevoegd voor beroepen tegen besluiten op grond van deze wet, maar alleen indien eiser een militair ambtenaar is in de zin van de MAW. De voorzieningenrechter oordeelde dat eiser als KNIL-militair niet valt onder de definitie van militair ambtenaar volgens de MAW, omdat hij niet in Nederlandse militaire openbare dienst heeft gediend.
Hierdoor is de rechtbank 's-Gravenhage onbevoegd en kan eiser geen toegang krijgen tot de voorzieningenrechter van deze rechtbank. Het beroepschrift en het verzoek om voorlopige voorziening worden doorgezonden naar de rechtbank Dordrecht, die wel bevoegd is. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep. De voorzieningenrechter legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en zendt het beroep door naar de rechtbank Dordrecht.