ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8132
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening partner- en kinderalimentatie bij co-ouderschap en vermogenspositie
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde op 6 oktober 2005 het verzoek tot voorlopige voorzieningen inzake partner- en kinderalimentatie. De vrouw vorderde een kinderbijdrage van €1.473 per maand per kind en een partnerbijdrage van €12.000 bruto per maand, gebaseerd op het gezinsuitgavenpatroon van 2003. De man betwistte de hoogte van deze bedragen en stelde dat hij reeds de kosten voor de kinderen draagt en dat de vrouw geen partnerbijdrage behoeft vanwege haar beschikking over een privévermogen van €300.000.
De rechtbank overwoog dat de man de vaste kosten voor de minderjarigen draagt en dat een co-ouderschapsregeling geldt waarbij twee van de drie kinderen om de week bij hem verblijven. Daarom werd een kinderbijdrage van €400 per maand per kind redelijk geacht. De vrouw heeft geen inkomen en leeft niet van haar privévermogen, waardoor zij behoefte heeft aan partneralimentatie. Gezien de royale levensstandaard van partijen en de financiële positie van de man werd een partnerbijdrage van €12.000 bruto per maand vastgesteld, waarbij de man gerechtigd is maandelijks €8.000 op te nemen van de beleggingsrekening van €300.000.
De rechtbank verwierp het verzoek tot jaarlijkse indexering omdat dit wettelijk geregeld is. De man werd toegestaan de alimentatie te verrekenen indien de vrouw niet meewerkt aan opname van gelden van de beleggingsrekening. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad gegeven.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt een partnerbijdrage van €12.000 bruto per maand en een kinderalimentatie van €400 per maand per kind, uitvoerbaar bij voorraad.