ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8652
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Redelijkheid van schorsing koninklijk besluit intrekking gebruiksvergunning cellencomplex Schiphol
In deze zaak vordert de gemeente Haarlemmermeer dat het koninklijk besluit, waarmee de besluiten van het college van burgemeester en wethouders zijn geschorst die de gebruiksvergunningen van het cellencomplex op Schiphol intrekken, wordt buiten werking gesteld. De gemeente stelt dat het besluit onrechtmatig is omdat het hun exclusieve verantwoordelijkheid voor brandveiligheid belemmert en de Staat misbruik maakt van zijn bevoegdheid.
De rechtbank stelt vast dat de schorsing een marginaal te toetsen bestuursrechtelijk instrument is, dat naast bestuursrechtelijke procedures kan worden ingezet. De schorsingsperiode van circa vierenhalve maand wordt niet onredelijk geacht. De Staat heeft voorafgaand uitvoerig overleg gevoerd en pogingen tot bemiddeling gedaan.
De rechtbank acht het aannemelijk dat er een dwingend algemeen belang bestaat bij het voorlopig kunnen blijven gebruiken van de afdelingen L en M voor de detentie van bolletjesslikkers, mede vanwege het belang van drugsbestrijding en de medische noodzaak om vervoer te beperken. Bovendien is niet aannemelijk geworden dat de afdelingen op dit moment onveilig zijn.
Gelet op deze omstandigheden is het oordeel dat de Staat in redelijkheid het koninklijk besluit heeft kunnen nemen, waarbij het algemeen belang van drugsbestrijding voorrang krijgt boven het belang van brandveiligheid. De vorderingen van de gemeente worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de gemeente worden afgewezen en de schorsing van de besluiten blijft in stand.