ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8704
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M. Bruin
- H.C. Greeuw
- L.M. Kos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende persoonlijk risico en bestaand verblijfsalternatief in Colombia
Eiser, een Colombiaanse nationaliteit dragende vreemdeling, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hij stelde dat hij vanwege confrontaties met de FARC en zijn Afro-Colombiaanse achtergrond een reëel risico liep bij terugkeer naar Colombia. Verweerder wees de aanvraag af op grond van het ontbreken van een persoonlijk risico en het bestaan van een verblijfsalternatief in veilige gebieden.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende had aangetoond dat hij persoonlijk in de negatieve aandacht van de FARC stond. De incidenten betroffen algemene gevechtshandelingen en niet specifiek gericht tegen eiser. Ook was niet aannemelijk dat hij een reëel risico liep op foltering of onmenselijke behandeling. Het ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken, hoewel niet volledig accuraat in alle details, bood een voldoende feitelijke grondslag voor het beleid dat geen categoriale bescherming voor Colombia wordt gevoerd.
Verder concludeerde de rechtbank dat het verblijfsalternatief in de relatief veilige gebieden van Colombia, zoals Bogotá en Medellín, redelijk is en dat de bewegingsvrijheid in die gebieden niet zodanig beperkt is dat het verblijfsalternatief niet kan worden tegengeworpen. De stelling dat Afro-Colombianen als groep een bijzondere beschermingsbehoefte hebben, werd niet voldoende onderbouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen.