ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8706
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M. de Bruin
- H.C. Greeuw
- L.M. Kos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering ongeloofwaardigheid asielrelaas
Eiser, een Colombiaanse asielzoeker van Afro-Colombiaanse afkomst, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die werd afgewezen door verweerder op basis van een oordeel dat het asielrelaas ongeloofwaardig zou zijn. De rechtbank toetste het besluit en stelde vast dat verweerder het ongeloofwaardigheidsoordeel niet voldoende had onderbouwd met objectieve gegevens over het land van herkomst en onvoldoende aandacht had besteed aan de originele bewijsstukken die eiser had overgelegd.
Het asielrelaas van eiser betrof bedreigingen en ontvoering door de FARC, met onder meer een dreigbrief en concrete incidenten die door eiser waren toegelicht. Verweerder baseerde zijn oordeel vooral op vermeende tegenstrijdigheden in verklaringen, maar deze werden door de rechtbank niet als zodanig erkend. De rechtbank oordeelde dat de motivering van verweerder ondeugdelijk was en dat het besluit in strijd was met de zorgvuldigheidseisen en motiveringsvereisten van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en beval verweerder een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige en onderbouwde beoordeling van asielverzoeken, waarbij geloofwaardigheid en bewijsstukken adequaat moeten worden meegewogen.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid.