ECLI:NL:RBSGR:2005:AU8822
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. Alt - van Endt
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding met nevenvoorzieningen en omgangsregeling voor minderjarige in internationaal kader
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 18 november 2005 uitspraak gedaan in een echtscheidingszaak tussen een man woonachtig in Singapore en een vrouw woonachtig in Schotland, beiden met de Nederlandse nationaliteit. Het verzoek tot echtscheiding is toegewezen omdat het huwelijk duurzaam ontwricht is.
De rechtbank oordeelde dat het gezamenlijk gezag over de minderjarige, die in Schotland woont, niet voor recht hoeft te worden verklaard omdat dit volgens de wet na scheiding in beginsel blijft bestaan. De hoofdverblijfplaats van de minderjarige is vastgesteld bij de vrouw in Schotland. Er is een omgangsregeling vastgesteld waarbij de vader acht weekenden per jaar omgang heeft, waarvan twee in Nederland, en daarnaast omgang tijdens zakenreizen en vakanties, inclusief Singapore. Tevens is een telefoonregeling vastgesteld met wekelijkse contactmomenten.
De rechtbank heeft de verzoeken omtrent partner- en kinderalimentatie, verdeling van de gemeenschap, pensioenverevening, en kostenveroordeling aangehouden en partijen opgedragen nadere stukken in te dienen, waaronder taxatierapporten en financiële overzichten. De peildatum voor de gemeenschap van goederen is vastgesteld op 5 augustus 2004. De rechtbank benadrukte het belang van regelmatige omgang tussen vader en kind en de praktische uitvoerbaarheid van de omgangsregeling gezien de internationale situatie.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken, hoofdverblijfplaats minderjarige bij vrouw vastgesteld, omgangsregeling en telefoonregeling voor vader vastgesteld, overige verzoeken aangehouden.