ECLI:NL:RBSGR:2005:AU9601
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Recourt
- Rechtspraak.nl
Opheffing vrijheidsontnemende maatregel in grensdetentie wegens onvoldoende motivering duur onderzoek
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, werd op 29 november 2005 op Schiphol de toegang tot Nederland geweigerd en geplaatst in een gesloten opvangcentrum (OC) op grond van artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Tegen deze maatregel stelde eiser beroep in bij de rechtbank en verzocht tevens om schadevergoeding.
Tijdens de zitting op 13 december 2005 werd vastgesteld dat eiser de Ishan taal machtig was, waarna besloten werd hem later separaat met tolk te horen. Ondanks dat verweerder geen toestemming gaf, sloot de rechtbank het onderzoek op 16 december 2005 conform artikel 8:64, vijfde lid, Awb. De rechtbank oordeelde dat het belang van eiser bij een snelle opheffing van de maatregel zwaarder woog dan het belang van verweerder bij een nader gehoor.
Verweerder kon niet aantonen dat het onderzoek naar de Ogboni-gemeenschap en de documenten van eiser binnen de door hem gestelde termijn van zes weken kon worden afgerond. De rechtbank vond de motivering van verweerder onvoldoende en oordeelde dat voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel niet redelijk was. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de maatregel opgeheven en een schadevergoeding toegekend. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank heeft de vrijheidsontnemende maatregel opgeheven wegens onvoldoende motivering van de duur van het onderzoek en een schadevergoeding toegekend.