ECLI:NL:RBSGR:2005:AV0382
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. Alt - van Endt
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding en verdeling huwelijksgemeenschap met toekenning huurrecht aan vrouw
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 21 december 2005 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de echtscheiding van een echtpaar gehuwd op 5 september 2005. De rechtbank oordeelt dat het Nederlandse recht van toepassing is op het huwelijksvermogensregime, aangezien de echtgenoten hun eerste gewone verblijfplaats na het huwelijk in Nederland hebben gevestigd en geen uitzonderingen van toepassing zijn volgens het Haags Huwelijksvermogensverdrag.
De rechtbank stelt vast dat de duurzame ontwrichting van het huwelijk niet is bestreden, waardoor het verzoek tot echtscheiding toewijsbaar is. Tevens wordt de verdeling van de huwelijksgemeenschap vastgesteld, waarbij de inboedel van de echtelijke woning aan de vrouw wordt toegewezen met instemming van de man. De vrouw wordt tevens als huurster van de woning aan een adres in Nederland erkend.
Verzoeken van de vrouw om het eenhoofdig gezag over het nog ongeboren kind te verkrijgen en een bijdrage in de kosten van levensonderhoud vanaf mei 2006 worden afgewezen als prematuur. De rechtbank overweegt dat het kind nog niet levend ter wereld is gekomen en dat het belang van het kind dergelijke voorzieningen nog niet vereist. Ook is niet gesteld dat het vaderschap zal worden vastgesteld of erkend, waardoor het gezag naar verwachting bij de vrouw zal berusten.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en bevat tevens een afwijzing van overige verzoeken. De uitspraak is gedaan door rechter M.J. Alt - van Endt, bijgestaan door griffier M. Miezenbeek.
Uitkomst: De echtscheiding wordt uitgesproken, de inboedel en het huurrecht worden aan de vrouw toegewezen, verzoeken omtrent gezag en alimentatie voor het ongeboren kind worden afgewezen.