ECLI:NL:RBSGR:2005:AV0501
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit woonkostentoeslag en herziening bijstand wegens verzwegen inkomsten
Eiser vroeg bijzondere bijstand aan voor kosten van huisraad, waarborgsom en eerste huurtermijn van een huurwoning, maar verweerder verstrekte deze bijstand deels als lening, omdat verwacht werd dat eiser na verkoop van zijn koopwoning voldoende middelen zou hebben om terug te betalen. De rechtbank oordeelde dat dit standpunt juist was, ook al had eiser schulden, aangezien schulden geen bijzondere omstandigheden vormen om bijstand als gift te verstrekken.
Eiser maakte bezwaar tegen de terugvordering van woonkostentoeslag, omdat verweerder ten onrechte aannam dat hij per 4 november 2003 was verhuisd naar de huurwoning. De rechtbank stelde vast dat eiser nog in de koopwoning woonde op het moment van onderzoek en vernietigde het besluit over de woonkostentoeslag wegens een onjuiste feitelijke grondslag.
Verder werd vastgesteld dat eiser inkomsten uit arbeid via een uitzendbureau had verzwegen, ondanks zijn betwisting en aangifte van identiteitsmisbruik. De rechtbank vond de bewijsvoering van verweerder overtuigend en oordeelde dat eiser de inlichtingenverplichting had geschonden, waardoor de bijstand over die periode herzien en teruggevorderd mocht worden.
Ten slotte werd de boete wegens schending van de inlichtingenplicht bevestigd, waarbij de rechtbank ook toetste aan het IVBPR en concludeerde dat de boete niet verlaagd hoefde te worden. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser wegens de gegrondverklaring van het beroep op het onderdeel woonkostentoeslag.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit over woonkostentoeslag vernietigd en verweerder veroordeeld tot proceskostenbetaling.