ECLI:NL:RBSGR:2006:AV0629
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verblijfsvergunning op grond van medische behandeling ondanks ontbreken mvv
Eiseressen, beiden van Russische nationaliteit, zijn uitgeprocedeerd wat betreft hun asielaanvragen en hebben een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning met als doel het ondergaan van medische behandeling. Zij beschikken niet over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De kern van het geschil is of zij in aanmerking komen voor vrijstelling van het mvv-vereiste op grond van artikel 3.71, vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de psychiatrische rapportage van psychiater D. Kok, die eiseressen eenmalig onderzocht heeft, buiten beschouwing heeft gelaten omdat deze psychiater niet als behandelend arts wordt beschouwd en niet op de toestemmingsverklaring voorkomt. De rechtbank oordeelt dat dit beleid niet voorziet in de situatie van een medische verklaring van een deskundige en dat het onredelijk is om deze verklaring volledig te negeren.
De rechtbank overweegt dat de medische situatie van eiseressen ernstig is, met diagnoses van posttraumatische stressstoornis en depressie, en dat uitzetting tot een acute medische noodsituatie zou leiden. Gezien het ontbreken van familiebanden in het land van herkomst en de ernst van de medische situatie acht de rechtbank toepassing van de hardheidsclausule gerechtvaardigd.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en draagt verweerder op binnen zes weken opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt een voorlopige voorziening getroffen die uitzetting verbiedt totdat op de bezwaren is beslist. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep toe, vernietigt de bestreden besluiten en verbiedt uitzetting totdat op de bezwaren is beslist.