ECLI:NL:RBSGR:2006:AV0808
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring van vreemdeling wegens gebrek aan belangenafweging en disproportionaliteit
Eiseres, een vreemdeling van Joegoslavische nationaliteit, had een verblijfsvergunning regulier voor studie aangevraagd die werd afgewezen. Bij uitreiking van de afwijzende beschikking werd zij staande gehouden en vervolgens in bewaring gesteld op grond van vermeend illegaal verblijf.
De rechtbank oordeelt dat de staandehouding onrechtmatig was, omdat het redelijk vermoeden van illegaal verblijf onvoldoende was onderbouwd en het verzoek om voorlopige voorziening het vertrek opschortte. Tevens was niet gebleken van een zorgvuldige belangenafweging tussen het belang van de staat en het individuele belang van eiseres, terwijl de maatregel van bewaring een zwaar middel is dat disproportioneel werd toegepast.
De rechtbank stelt vast dat meerdere gronden voor inbewaringstelling niet standhouden, zoals het ontbreken van een vaste woon- of verblijfplaats, het niet aanmelden bij de korpschef en het gebrek aan middelen van bestaan. Slechts het ontbreken van een identiteitspapier blijft als grond over, maar ook dit is onvoldoende om de bewaring te rechtvaardigen zonder belangenafweging.
Daarom wordt het beroep gegrond verklaard, de maatregel van bewaring per 1 februari 2006 opgeheven en een schadevergoeding van € 1.005,- toegekend voor de ten onrechte doorgebrachte dagen in bewaring. Tevens worden de proceskosten van eiseres aan de Staat der Nederlanden opgelegd.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven en eiseres ontvangt een schadevergoeding van € 1.005,- wegens onrechtmatige bewaring.