ECLI:NL:RBSGR:2006:AV1963
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens medische noodsituatie en mvv-vereiste
Verzoeker, een vreemdeling van Bosnische nationaliteit, diende op 7 mei 2003 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor verblijf bij zijn partner. Deze aanvraag werd door verweerder afgewezen wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en het niet voldoen aan vrijstellingsgronden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de hardheidsclausule niet werd toegepast, terwijl uit het BMA-rapport blijkt dat verzoeker lijdt aan een medische noodsituatie op korte termijn. Tevens is vastgesteld dat de behandelingsmogelijkheden in het land van herkomst niet relevant zijn bij verblijf bij partner, en dat het onderbreken van de lopende intensieve dagbehandeling onredelijk is.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij de medische noodsituatie en de hardheidsclausule in acht worden genomen. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat in de hoofdzaak wordt beslist. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarin de medische noodsituatie en hardheidsclausule worden betrokken.