ECLI:NL:RBSGR:2006:AV2278
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens toepassing artikel 1F Vluchtelingenverdrag
Eiser, van Iraanse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees deze aanvraag af op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag, omdat eiser als persoonlijk secretaris van een gevangenisdirecteur in een militaire gevangenis in Iran zou hebben bijgedragen aan ernstige misdrijven.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat eiser 'knowing participation' had en dat zijn handelen wezenlijk heeft bijgedragen aan de gepleegde misdrijven. Eisers rol als doorgeefluik van instructies was voldoende om hem persoonlijk verantwoordelijk te houden, mede omdat hij deze functie langer dan een jaar heeft uitgeoefend zonder pogingen tot onttrekking.
Echter, de rechtbank vindt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het deel van het asielrelaas over het smokkelen van vertrouwelijke documenten ongeloofwaardig zou zijn, en dat de beoordeling van het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer niet deugt. Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.