ECLI:NL:RBSGR:2006:AX6304
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing wijziging verblijfsvergunning zelfstandige wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid advisering
Eiser heeft een aanvraag ingediend om zijn verblijfsvergunning te wijzigen van arbeid in loondienst naar arbeid als zelfstandige met het argument dat zijn bedrijf een wezenlijk Nederlands economisch belang dient. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen op basis van adviezen van de Minister van Economische Zaken die stelden dat onvoldoende is aangetoond dat de bedrijfsactiviteiten innovatieve waarde hebben of dat er concrete zaken worden gedaan met Nederlandse bedrijven.
Eiser heeft ter onderbouwing uitgebreide stukken en verklaringen van derden, waaronder een brief van de algemeen directeur van VNO-NCW en adhesiebetuigingen van Nederlandse bedrijven, overgelegd. De rechtbank oordeelt dat verweerder zich niet zonder meer op de adviezen kon verlaten omdat deze onvoldoende ingaan op de door eiser aangedragen informatie en onvoldoende inzicht geven in de motivering van het oordeel.
De rechtbank stelt dat het bestuursorgaan op grond van artikel 3:2 Awb Pro verantwoordelijk is voor zorgvuldige advisering en zich moet vergewissen van de kwaliteit van het advies. Ook moet het besluit voorzien zijn van een deugdelijke motivering conform artikel 7:12 Awb Pro. Het bestreden besluit voldoet hier niet aan en wordt daarom vernietigd.
Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan eiser vergoed. De uitspraak benadrukt het belang van transparantie en toetsbaarheid van adviezen bij besluitvorming over verblijfsvergunningen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.