ECLI:NL:RBSGR:2006:AX9246
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H.J.G. Brekelmans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning wegens ontbreken geldige mvv ondanks beroep op discriminatieverbod en hardheidsclausule
Eiseres, een Marokkaanse vrouw die sinds 2001 in Nederland verblijft, vroeg een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan om bij haar ouders te verblijven. Deze aanvraag werd afgewezen omdat zij niet in het bezit was van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Eiseres voerde aan dat het mvv-vereiste discriminatoir was omdat Marokkanen dit wel moeten hebben terwijl burgers van andere landen zijn vrijgesteld, wat volgens haar in strijd is met artikel 26 IVBPR Pro. Tevens stelde zij dat het niet toepassen van de hardheidsclausule onbillijk was en dat de weigering in strijd was met artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank overwoog dat het onderscheid naar nationaliteit een redelijke en objectieve rechtvaardiging heeft, namelijk de bescherming van de Nederlandse economische orde, zoals bevestigd in eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak. Het ontbreken van een formeel besluit van de minister van Buitenlandse Zaken over de vrijstelling van bepaalde landen doet hieraan niet af. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht heeft geweigerd eiseres vrij te stellen van het mvv-vereiste en dat het beroep op de hardheidsclausule niet slaagt omdat de omstandigheden van eiseres niet uitzonderlijk zijn.
Verder oordeelde de rechtbank dat de weigering geen inbreuk maakt op het recht op gezinsleven onder artikel 8 EVRM Pro, omdat het mvv-vereiste een legitiem algemeen belang dient. Wel stelde de rechtbank vast dat verweerder ten onrechte niet heeft gehoord in bezwaar over het beroep op artikel 26 IVBPR Pro en niet heeft beslist op het verzoek om vergoeding van kosten voor rechtsbijstand. Daarom vernietigde de rechtbank het besluit deels en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt deels gegrond verklaard met vernietiging van het besluit wegens niet horen in bezwaar en niet beslissen over kostenvergoeding, maar de afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.