ECLI:NL:RBSGR:2006:AY0295
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering traumatabeleid
Eiser, van Guinese nationaliteit, heeft asiel aangevraagd op grond van traumatische ervaringen tijdens niet-strafrechtelijke detentie als minderjarige, waaronder isolatie in een cel zonder daglicht en getuige zijn van mishandeling van zijn vader. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat de detentie niet substantieel traumatiserend was en dat eiser geen littekens of blijvend letsel had opgelopen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom eiser niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van het traumatabeleid. Er is onvoldoende inzicht gegeven in de weging van de minderjarigheid, de omstandigheden van isolatie en het getuige zijn van mishandeling. Tevens is onterecht aangenomen dat het ontbreken van strafrechtelijke procedure betekent dat de detentie niet traumatiserend was.
Verder wordt geoordeeld dat de vrees voor vervolging op grond van etnische afkomst niet aannemelijk is en dat het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer onvoldoende is onderbouwd. De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens schending van het motiveringsvereiste en vernietigt het bestreden besluit, met de opdracht aan verweerder om binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en wijst de Staat aan als de rechtspersoon die het griffierecht aan eiser moet vergoeden.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.