ECLI:NL:RBSGR:2006:AY3947
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van verblijfsvergunning en motivering besluit
Verzoeker, van Turkse nationaliteit, heeft meerdere malen een verblijfsvergunning aangevraagd, onder meer voor arbeid in loondienst en op grond van schrijnendheid. Deze aanvragen werden door verweerder afgewezen. Verzoeker stelde dat zijn langdurig arbeidsverleden en verbroken familiebanden in Turkije onvoldoende waren meegewogen in het besluit.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het bestreden besluit innerlijk tegenstrijdig is: enerzijds worden deze omstandigheden expliciet niet betrokken bij de beoordeling, anderzijds wordt verwezen naar een overweging die zou suggereren dat ze wel zijn meegewogen. Dit blijkt niet uit het besluit of de toelichting van verweerder.
De rechtbank vernietigt het besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met een juiste motivering. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering.