ECLI:NL:RBSGR:2006:AY4095
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Smit
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verblijfsvergunning medische behandeling wegens ondeugdelijke motivering
Eiser vroeg in 2000 een verblijfsvergunning aan op grond van humanitaire en medische redenen. Na een langdurige procedure werd hem in 2004 een verblijfsvergunning verleend onder de beperking 'verblijf vanwege medische noodsituatie'. Eiser stelde dat hem telefonisch was toegezegd dat hij een vergunning voor medische behandeling zou krijgen, maar verweerder ontkende dit en motiveerde onvoldoende waarom deze vergunning niet werd verleend.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet voldoende had gemotiveerd waarom eiser niet in aanmerking kwam voor de vergunning onder de beperking medische behandeling. De brief van de gemachtigde van eiser waarin de toezegging werd bevestigd, was niet adequaat weersproken. Bovendien veroorzaakte het besluit verwarring over de toepasselijke voorwaarden voor de verschillende beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werden de proceskosten aan verweerder opgelegd en werd de Staat der Nederlanden aangewezen als de rechtspersoon die deze kosten moet vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.