ECLI:NL:RBSGR:2006:AY5005
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering deelname ongemengd danspaar aan NADB-wedstrijden wegens onvoldoende objectieve rechtvaardiging
Eisers, bestaande uit een mannelijk danspaar, een vereniging voor dames- en herenparen en een stichting ter bevordering van integratie van homoseksuelen in de sport, vorderden in kort geding dat zij als ongemengd paar mochten deelnemen aan danswedstrijden van de NADB. De NADB sluit ongemengde paren uit op grond van het wedstrijdreglement dat deelname alleen toestaat aan gemengde paren.
De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) had eerder geoordeeld dat de NADB hiermee discrimineert op grond van seksuele gerichtheid en geslacht. Eisers stelden dat deze uitsluiting onrechtmatig is en in strijd met de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). De NADB voerde verweer dat het onderscheid gerechtvaardigd is vanwege biologische verschillen die leiden tot relevante prestatieverschillen en dat de vereniging een besloten karakter krijgt door statutenwijziging.
De rechtbank oordeelde dat de AWGB van toepassing is op de NADB vanwege haar open en zakelijk karakter. Het onderscheid naar geslacht in het wedstrijdreglement is vastgesteld, maar het is onvoldoende komen vast te staan dat hiervoor geen objectieve rechtvaardiging bestaat. Er is onvoldoende bewijs dat de biologische verschillen leiden tot relevante prestatieverschillen die jurering beïnvloeden. Nader onderzoek is nodig, maar niet mogelijk in kort geding.
Daarom wees de rechtbank de vorderingen af en veroordeelde de eisers in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen tot deelname van het ongemengd danspaar aan NADB-wedstrijden worden afgewezen wegens onvoldoende vaststelling van objectieve rechtvaardiging voor het onderscheid naar geslacht.